Ort

zelfstandig naamwoord
  1. Een plaats of locatie, meestal een klein of afgelegen punt op een kaart of in de natuur, waar iets zich bevindt of heeft plaatsgevonden. zelfstandig naamwoord
    Hij vond de ort van het oude dorpje op de kaart.
    De schat ligt ergens in een verborgen ort in het bos.
  2. Een plek waar iemand zich bevindt of waar iemand woont, vaak met een informeel of verouderd karakter. zelfstandig naamwoord
    Ze is altijd op haar ort in de stad te vinden.
    Na lang zoeken vond hij eindelijk zijn ort in de drukke wijk.