central

zelfstandig naamwoord
  1. Een centrale telefooncentrale of kantoor waar telefoongesprekken worden ontvangen en doorgeschakeld. zelfstandig naamwoord
    Ik belde de central om doorverbonden te worden met de juiste afdeling.
    De central was druk bezet tijdens de piekuren.
  2. Betrekking hebbend op een centrum of middelpunt; centraal gelegen. bijvoeglijk naamwoord
    Het hotel ligt op een central locatie in de stad.
    De central rol van de manager is het coördineren van het team.