chance

zelfstandig naamwoord
  1. Een mogelijkheid of gelegenheid die zich voordoet, vaak met een element van geluk of toeval. zelfstandig naamwoord
    Hij kreeg de kans om in het buitenland te studeren.
    Ze zag haar kans schoon om een nieuw project te starten.
  2. De waarschijnlijkheid dat een bepaalde gebeurtenis zal plaatsvinden. zelfstandig naamwoord
    De kans op regen is vandaag erg groot.
    Er is een kleine kans dat we de wedstrijd winnen.