Een toonbank of balie waar klanten worden geholpen of waar goederen worden verkocht. zelfstandig naamwoord
De klant legde zijn producten op de counter om af te rekenen.
Bij de informatiecounter kun je vragen stellen over de openingstijden.
Een apparaat of mechanisme dat telt of registreert, zoals een teller. zelfstandig naamwoord
De counter in de auto geeft aan hoeveel kilometers er zijn gereden.
De website heeft een counter die het aantal bezoekers bijhoudt.
Een tegenzet of reactie op een actie, vaak in een competitieve context. zelfstandig naamwoord
De speler maakte een snelle counter om de aanval van de tegenstander te pareren.
In het debat had hij een sterke counter op het argument van zijn tegenstander.