flying

bijvoeglijk naamwoord
  1. Het woord 'flying' is geen standaard Nederlands woord. Het is een Engels woord dat 'vliegend' betekent. In het Nederlands zou men eerder 'vliegend' of 'vliegen' gebruiken afhankelijk van de context. bijvoeglijk naamwoord
    De vliegende vogel zweefde door de lucht.
    Hij is vliegend naar zijn bestemming gegaan.
  2. In de context van een werkwoord zou 'flying' vertaald kunnen worden als 'vliegen'. werkwoord
    Hij houdt van vliegen in een luchtballon.
    Vliegen is een van de snelste manieren om te reizen.