hede
- De dag van vandaag; de huidige dag. zelfstandig naamwoordHede is het weer zonnig.Ik heb hede veel te doen.
- Verouderde vorm van 'heden', gebruikt in formele of literaire contexten. zelfstandig naamwoordHede vieren wij het jubileum van onze vereniging.De koning sprak hede tot het volk.