machete

zelfstandig naamwoord
  1. Een groot, zwaar mes dat vaak wordt gebruikt voor het kappen van struiken en takken, vooral in tropische gebieden. zelfstandig naamwoord
    De arbeider gebruikte een machete om zich een weg te banen door de dichte jungle.
    Tijdens de expeditie was een machete onmisbaar om het pad vrij te maken.
  2. Een wapen in de vorm van een groot mes, dat soms wordt gebruikt in gevechten of als dreigmiddel. zelfstandig naamwoord
    De overvaller dreigde met een machete om de winkelier te intimideren.
    In sommige landen is het dragen van een machete als wapen verboden.