ramp
- Een gebeurtenis die ernstige schade of leed veroorzaakt, zoals een natuurramp of een ongeluk. zelfstandig naamwoordDe aardbeving was een grote ramp voor het land.De olieramp heeft het ecosysteem ernstig beschadigd.
- Een situatie die als zeer ongunstig of problematisch wordt ervaren. zelfstandig naamwoordHet uitvallen van de computersystemen was een ramp voor het bedrijf.De regen op de trouwdag werd als een ramp gezien door het bruidspaar.