roar

Werkwoord/Noun
  1. Gillen of brullen, vooral van een dier of persoon. Werkwoord/Noun
    De leeuw begon te roepen in de jungle.
  2. Luid geluid maken, zoals een motor of machine. Werkwoord/Noun
    De motor roerde luid tijdens de start.
synonyms: brullen, bulderen, gillen