wee
- Een gevoel van pijn of verdriet; leed of smart. zelfstandig naamwoordHij voelde een diep wee toen hij het slechte nieuws hoorde.Het wee van de verloren liefde bleef haar achtervolgen.
- Een samentrekking van de baarmoeder tijdens de bevalling. zelfstandig naamwoordDe weeën werden steeds sterker naarmate de bevalling vorderde.Ze telde de minuten tussen elke wee om te weten wanneer ze naar het ziekenhuis moest gaan.